Het cruciale detail dat hier alles bepaalt: de gemeente vergelijkt jouw woning niet met de WOZ-waarde van het buurpand, maar met recente verkoopprijzen. Dat is een wezenlijk verschil. Aan een vergelijking met WOZ-waarden van andere woningen gaat een rechter voorbij, omdat zo'n methode niet strookt met de waarderingsmethodiek zoals voorgeschreven in de Wet WOZ. Toch is jouw signaal zeker niet zinloos - het kan wel degelijk iets aanwijzen.
Op grond van artikel 17, tweede lid, van de Wet WOZ wordt de waarde bepaald als de prijs die bij vrije verkoop, onmiddellijk en in volle omvang, zou worden gerealiseerd. De heffingsambtenaar - de gemeentelijke functionaris die de WOZ-waarde vaststelt - moet aannemelijk maken dat hij die waarde niet te hoog heeft vastgesteld. Dat geeft jou als bezwaarmaker een opening.
Vergelijkingsobjecten hoeven niet identiek te zijn aan jouw woning, maar ze moeten voldoende vergelijkbaar zijn, mits de heffingsambtenaar bij de waardebepaling voldoende rekening heeft gehouden met de onderlinge verschillen. Een grotere tuin bij het buurpand voor een lagere waarde kan dus een aanwijzing zijn dat die correctie niet goed is toegepast.
Stap één is het opvragen van het volledige taxatieverslag met de vergelijkingsobjecten en de bijbehorende koudv-factoren (kwaliteit, onderhoud, uitstraling, doelmatigheid en voorzieningen). Op grond van artikel 40, tweede lid, van de Wet WOZ is de gemeente gehouden een afschrift van die gegevens te verstrekken als jij daar voldoende specifiek om vraagt. Dien je bezwaar in vóórdat de bezwaartermijn van zes weken na de beschikking verloopt, en doe tegelijk dit concrete verzoek om onderliggende stukken.
Twijfel je over de aanpak of wil je weten hoe sterk jouw dossier staat? Claim.Cafe biedt een gratis oriëntatiegesprek om samen de haalbaarste route te bepalen.