De sleutel in jouw situatie zit hem in de vraag wat er bij intrek is vastgelegd. Op grond van artikel 7:224 lid 2 BW geldt dat als er bij aanvang van de huur een beschrijving is opgemaakt, jij het gehuurde in dezelfde staat moet opleveren als bij intrek - met uitzondering van normale slijtage. Is er destijds een inspectierapport getekend waarop die bestaande schade staat vermeld, dan is dat jouw sterkste wapen: die schadeposten kun je direct doorstrepen.
Normale slijtage na vier jaar bewoning - denk aan kleine krassen in het parket of lichte verkleuringen - is sowieso voor rekening van de verhuurder, niet van jou. Vlekken op het badkamerplafond die er al waren bij intrek, vallen al helemaal buiten jouw verantwoordelijkheid, mits je dat kunt onderbouwen.
Als er bij aanvang géén beschrijving is opgemaakt, bepaalt artikel 7:224 lid 2 BW dat jij geacht wordt het gehuurde te hebben ontvangen in de staat zoals die is bij het einde van de huur - tenzij de verhuurder tegenbewijs levert. De bewijslast verschuift dan naar hem.
Het eerste wat je nu doet: zoek het inspectierapport van april op. Staan de betreffende gebreken daarin? Fotografeer het rapport en de relevante passages. Rechters hechten veel waarde aan door beide partijen ondertekende stukken bij de oplevering; een eenzijdig opgesteld rapport van de verhuurder alleen biedt doorgaans onvoldoende bewijs.
Stuur vervolgens een schriftelijke reactie naar je verhuurder met een concrete betwisting per schadepost, met verwijzing naar het inspectierapport bij intrek. Geef hem een redelijke termijn - doorgaans veertien dagen - om de borg alsnog terug te storten.
Wil je dit volledig uit handen geven: voor €95 schrijft Claim.Cafe een formele ingebrekestelling richting jouw verhuurder, juridisch onderbouwd met de bewijslast uit artikel 7:224 BW en een concrete betalingstermijn, en verstuurt die brief namens jou. Jij hoeft zelf geen contact meer op te nemen met de verhuurder.