Arbeidsrecht

Ontslag op staande voet gekregen? Eerste stappen die je nu moet zetten

Redactie 6 min lezen 30 aug 2026 0 keer gelezen
De juridische beweringen in dit artikel zijn op 30 aug 2026 gecontroleerd tegen de officiële bronnen op wetten.overheid.nl en rechtspraak.nl. Artikelen die deze controle niet doorstaan, publiceren wij niet.
Kort antwoord

Krijg je ontslag op staande voet? Je hebt maximaal twee maanden om naar de kantonrechter te stappen en het ontslag te laten vernietigen. Wacht je te lang, dan is het ontslag definitief en verlies je waarschijnlijk ook je recht op een WW-uitkering. Teken niets, protesteer meteen schriftelijk en zoek snel juridisch advies.

Krijg je ontslag op staande voet? Je hebt maximaal twee maanden om naar de kantonrechter te stappen en het ontslag te laten vernietigen. Wacht je te lang, dan is het ontslag definitief en verlies je waarschijnlijk ook je recht op een WW-uitkering. Teken niets, protesteer meteen schriftelijk en zoek snel juridisch advies.

Laatst gecontroleerd: augustus 2026. Juridische informatie kan veranderen — controleer altijd de actuele wetgeving op wetten.nl.

Wat zegt de wet?

Ontslag op staande voet is geregeld in het Burgerlijk Wetboek. De kern staat in artikel 7:677 lid 1 BW. Dit artikel geeft een partij bij een arbeidsovereenkomst de mogelijkheid om de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang op te zeggen wegens een dringende reden, onder onverwijlde mededeling van die reden aan de andere partij. Er gelden dus drie harde eisen tegelijk: er moet een dringende reden zijn, het ontslag moet direct ("onverwijld") gegeven worden, en de werkgever moet die reden gelijktijdig aan jou meedelen. Het ontslag op staande voet is een uiterste middel en daarom stelt de wet daaraan drie cumulatieve eisen, inhoudende dat sprake moet zijn van een dringende reden, het ontslag moet onverwijld gegeven zijn en de dringende reden voor het ontslag op staande voet moet onverwijld aan de werknemer zijn medegedeeld.

Wat als "dringende reden" telt, staat in artikel 7:678 BW. Als dringende redenen worden beschouwd zodanige daden, eigenschappen of gedragingen van de werknemer, die tot gevolg hebben dat van de werkgever redelijkerwijze niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst te laten voortduren. Denk aan diefstal, ernstige bedreiging of het structureel negeren van instructies. Een simpele ruzie of een fout is meestal niet genoeg.

De belangrijkste regel voor jouw eerste stappen staat niet in het BW zelf, maar in de procedureregels. Voor een verzoek tot vernietiging van een ontslag op staande voet en de eventueel daaraan gekoppelde vergoedingen geldt een vervaltermijn van twee maanden na de dag waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd (artikel 7:686a lid 4 juncto artikel 7:677 BW). Dit is een harde deadline. Mis je die termijn, dan kun je het ontslag niet meer laten toetsen. Door de vervaltermijn wordt de periode van onzekerheid over het al dan niet voortduren van de arbeidsovereenkomst juist zo kort mogelijk gehouden.

Belangrijk: je kunt een ontslag op staande voet sinds 2015 niet meer zelf "ongedaan maken" met een brief. Naar het thans geldende recht is het, anders dan tot 1 juli 2015 nog het geval was, voor de werknemer niet langer mogelijk het ontslag op staande voet door een daartoe strekkende buitengerechtelijke verklaring te vernietigen. Ingevolge artikel 7:681 lid 1 BW kan de vernietiging alleen nog geschieden door de rechter op een daartoe strekkend verzoek van de werknemer. Je móét dus naar de kantonrechter, een brief sturen naar je werkgever is niet voldoende om het ontslag juridisch aan te vechten.

Wanneer geldt dit voor jou?

Deze regels gelden zodra je werkgever mondeling of schriftelijk zegt dat je "op staande voet" bent ontslagen, of dat je vandaag nog stopt vanwege een dringende reden. Het maakt niet uit of dit gebeurt in een gesprek, per WhatsApp of per brief. Zodra de boodschap duidelijk is dat de arbeidsovereenkomst per direct eindigt, loopt de vervaltermijn van twee maanden.

Er zijn twee routes om tegen het ontslag op te komen, en die zijn niet hetzelfde. De kantonrechter kan op verzoek van de werknemer de opzegging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever vernietigen, of op zijn verzoek aan hem ten laste van de werkgever een billijke vergoeding toekennen, indien de werkgever heeft opgezegd in strijd met artikel 671. Kies je voor vernietiging, dan stel je dat het ontslag nooit rechtsgeldig is geweest en dat je dienstverband gewoon doorloopt. Kies je voor een billijke vergoeding, dan accepteer je het einde van je baan maar vraag je compensatie. Gelet op de bewoordingen van artikel 7:681 BW kan naast de vernietiging van het ontslag echter niet ook nog een billijke vergoeding worden toegewezen. De werknemer moet kiezen: of hij het ontslag op staande voet wil laten vernietigen, óf dat hij een billijke vergoeding wenst. Deze keuze maak je pas definitief bij het indienen van je verzoek, dus neem hier de tijd voor met een jurist.

Was het ontslag wél terecht? Dan kan dat grote financiële gevolgen hebben. Een dringende reden leidt tot verwijtbare werkloosheid, waardoor doorgaans geen recht op een WW-uitkering bestaat en ook overigens geen aanspraak op enige vergoeding. Daarnaast kun je zelf schadeplichtig worden. Je bent dan een vergoeding schuldig, gelijk aan het bedrag van het in geld vastgestelde loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging had behoren voort te duren. Was het ontslag niet terecht, bijvoorbeeld omdat je werkgever te lang wachtte met ontslaan nadat hij het incident ontdekte? Dan telt de "onverwijldheid" niet meer. Rechters accepteren best wat onderzoekstijd: mits met de nodige voortvarendheid wordt gehandeld is er gelegenheid voor het instellen van een onderzoek, het horen van de werknemer, voor intern overleg en voor het inwinnen van (juridisch) advies. Maar treuzelt je werkgever zonder goede reden, dan kan de rechter het ontslag alsnog vernietigen, zoals in een zaak waarin geen sprake is geweest van een onverwijlde opzegging, omdat de werkgever – zo kort mogelijk nadat hij had ontdekt dat de werknemer weer te laat was gekomen – had moeten ontslaan, wat niet is gebeurd.

Stappenplan — wat kun je nu doen?

  1. Teken niets en geef geen akkoord. Onderteken geen vaststellingsovereenkomst of ontslagbrief "voor akkoord" voordat je juridisch advies hebt gehad.
  2. Vraag direct om de ontslagreden op papier. Je werkgever moet de dringende reden gelijktijdig meedelen; vraag om een schriftelijke bevestiging als dat nog niet is gebeurd.
  3. Protesteer meteen schriftelijk. Stuur een e-mail of brief waarin je laat weten het niet eens te zijn met het ontslag en dat je je rechten voorbehoudt. Dit is geen wettelijke verplichting, maar wel belangrijk bewijs later.
  4. Noteer de datum van het ontslag exact. Vanaf die dag loopt de vervaltermijn van twee maanden waarbinnen je naar de kantonrechter moet.
  5. Meld je direct bij het UWV, ook als je twijfelt over je WW-recht. Wacht je te lang met melden, dan kan dat je uitkering verder schaden.
  6. Zoek binnen enkele dagen een jurist of advocaat op, bij voorkeur gespecialiseerd in arbeidsrecht. Hoe eerder, hoe meer tijd er is om bewijs te verzamelen en een verzoekschrift voor te bereiden.
  7. Dien op tijd een verzoekschrift in bij de kantonrechter als je het ontslag wilt aanvechten, ruim vóór het verstrijken van de tweemaandentermijn.

Veelgemaakte fouten

  • Te lang wachten met actie ondernemen. De vervaltermijn van twee maanden is een harde deadline; erna kun je niets meer vernietigen.
  • Denken dat een brief aan de werkgever het ontslag ongedaan maakt. Alleen de kantonrechter kan een ontslag op staande voet vernietigen.
  • Een vaststellingsovereenkomst tekenen uit paniek. Daarmee doe je vaak afstand van rechten die je nog had kunnen uitoefenen.
  • Niet melden bij het UWV omdat je denkt geen recht te hebben op WW. Meld je altijd, ook bij twijfel over verwijtbare werkloosheid.
  • Zowel vernietiging als een billijke vergoeding tegelijk claimen. Dit is wettelijk een keuze, je kunt niet beide krijgen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel tijd heb ik om tegen ontslag op staande voet in te gaan?

Je hebt twee maanden vanaf de dag van het ontslag om een verzoek tot vernietiging bij de kantonrechter in te dienen. Deze termijn staat in artikel 7:686a lid 4 BW en is een vervaltermijn: te laat is definitief te laat.

Kan ik zelf, zonder rechter, mijn ontslag ongedaan maken?

Nee. Sinds de invoering van de Wet werk en zekerheid in 2015 kan een ontslag op staande voet alleen nog door de kantonrechter worden vernietigd, niet meer met een eigen verklaring aan je werkgever.

Krijg ik een WW-uitkering na ontslag op staande voet?

Vaak niet, omdat een terecht ontslag op staande voet meestal als verwijtbare werkloosheid geldt. Meld je toch altijd bij het UWV; zij beoordelen jouw specifieke situatie en soms is er alsnog recht op een uitkering.

Wat als mijn werkgever te lang wachtte met het ontslag?

Dan kan het ontslag ongeldig zijn wegens strijd met de "onverwijldheidseis" uit artikel 7:677 lid 1 BW. Een werkgever mag wel kort onderzoek doen of je horen, maar moet daarna snel handelen.

Moet ik kiezen tussen vernietiging en een vergoeding?

Ja. Volgens artikel 7:681 BW kun je niet tegelijk vernietiging van het ontslag én een billijke vergoeding krijgen. Je kiest voor herstel van je baan, of voor financiële compensatie.

Relevante wetsartikelen

Gerelateerde onderwerpen op Claim.Cafe

Heb jij een specifieke situatie? Stel je vraag gratis op Claim.Cafe en krijg antwoord van een echte jurist.